Dat was de filosoof Immanuel Kant. In zijn Zum ewigen Frieden (1795) pleitte hij voor een internationale liga van landen. Hij dacht hierbij aan een federatie van vrije staten, waarin consensus bestaat over de principes van een rechtvaardigde politieke orde, zodat in alle staten hetzelfde recht kan gelden en de collectieve veiligheid kan worden gewaarborgd. De oprichters van de Volkenbond en later de Verenigde Naties lieten zich dankbaar inspireren door de publicaties van Kant, maar vanaf het begin voldeed het laatste orgaan niet aan de eisen van Kant: in het handvest van de Verenigde Naties werd iedere verwijzing naar een liga van ‘vrije naties’ geschrapt en vervangen door het principe van de ‘soevereine gelijkheid van alle leden’. Daardoor gebeurde precies wat Kant juist wilde voorkomen: het recht kon niet worden gehandhaafd doordat men over de inhoud ervan te veel van mening verschilde. Organisaties als de NAVO en de EU voldoen wel aan de eisen van Kant; zij zouden volgens hem in principe veel beter in staat zijn de internationale vrede en veiligheid te bevorderen.
