Volgens taalkundigen is ‘Almere’ Germaans voor ‘groot meer’, terwijl het woord ‘mere’ slaat op een gewoon ‘meer’. (Het Germaanse ‘ala’ is nauw verwant met ons woord ‘al’ en betekent ‘geheel’ en in samengestelde woorden ‘groot’ en ‘erg’.) In de achtste eeuw komen we de naam voor het eerst tegen in de levensbeschrijvingen van de Ierse bisschop Bonifatius. Men wijst erop dat hij in 753 als bode van vrede (maar in 754 bij Dokkum vermoord) over het ‘water genaamd Almere’ richting Overgo voer. Rond 1100 lezen wij in een kroniek over het eiland ‘Urk in het meer Almere’. Daarna wordt het stil. Pas in 1971 duikt ‘Almere’ weer op, als naam voor een nieuw te bouwen stad in een ‘groot meer’.
